Bij de verbranding van kerosine door vliegtuigmotoren komt kerosinemotoremissie vrij. Dit mengsel van stoffen bevat onder andere zeer kleine deeltjes die diep in de longen kunnen worden ingeademd en in de bloedsomloop terecht kunnen komen. Dit kan leiden tot luchtwegaandoeningen en waarschijnlijk ook tot kanker. Vooral mensen die werken op luchthavens en andere vliegvelden worden blootgesteld, voornamelijk tijdens werkzaamheden op het vliegtuigplatform.
De commissie Gezondheid en beroepsmatige blootstelling aan stoffen (GBBS) en de subcommissie Classificatie carcinogene stoffen van de Gezondheidsraad onderzochten de kankerverwekkende eigenschappen van kerosinemotoremissie, en de gezondheidsrisico’s van beroepsmatige blootstelling aan dit mengsel. Hierbij werkte de commissies samen met de Nordic Expert Group (NEG).
De commissies adviseren kerosinemotoremissie te classificeren als stof die wordt verondersteld kankerverwekkend te zijn (categorie 1B). Naar kerosinemotoremissie als mengsel is nog weinig onderzoek gedaan. Wel is vastgesteld dat verschillende stoffen in het mengsel kankerverwekkend zijn. Daarnaast zijn er veel overeenkomsten in samenstelling tussen kerosinemotoremissie en dieselmotoremissie, een bewezen kankerverwekkend mengsel waarvoor ook een wettelijke grenswaarde geldt.
Het classificatievoorstel van de commissies voor kerosinemotoremissie is het eerste wereldwijd. Op basis van dit voorstel kan het ministerie van SZW besluiten om het mengsel op te nemen in een lijst van kankerverwekkende stoffen in de werkomgeving. In dat geval zijn werkgevers wettelijk verplicht om aanvullende maatregelen te nemen om werknemers te beschermen.
Er zijn onvoldoende wetenschappelijke gegevens om een gezondheidskundige advieswaarde voor kerosinemotoremissie af te leiden. Dit is een veilig niveau van blootstelling in de werkomgeving. De commissies adviseren om de bestaande grenswaarden van individuele stoffen en stofgroepen in het mengsel aan te houden tot er meer onderzoek beschikbaar is.