Hieronder wordt een aantal vragen beantwoord over de adviezen van de Gezondheidsraad over borstkankerscreening bij vrouwen met zeer dicht borstweefsel.
Borstkanker is de meest voorkomende kankersoort bij vrouwen in Nederland. Een op de zeven vrouwen krijgt de diagnose gedurende haar leven en jaarlijks overlijden ongeveer 3.000 vrouwen aan de ziekte. Het vroegtijdig opsporen van borstkanker verhoogt de kans op overleving. Alle vrouwen in de leeftijd van 50 tot en met 75 jaar worden elke 2 à 3 jaar uitgenodigd voor het bevolkingsonderzoek naar borstkanker, wat bestaat uit het maken van röntgenfoto’s van de borsten (mammografie).
Bij vrouwen met zeer dicht borstweefsel zijn eventuele afwijkingen lastiger te onderscheiden op het mammogram (röntgenfoto van de borst). Hierdoor kan borstkanker bij vrouwen met zeer dicht borstweefsel (categorie D) minder goed opgespoord worden, terwijl zij door de weefseldichtheid een iets verhoogd risico op borstkanker hebben. Ongeveer 8 van de 100 vrouwen die meedoen aan het bevolkingsonderzoek borstkanker hebben zeer dicht borstweefsel. Je kunt niet zelf weten of je dicht borstklierweefsel hebt.
Eind september 2024 rees in de media de vraag waarom een MRI-scan geen onderdeel uitmaakt van het bevolkingsonderzoek borstkanker voor vrouwen met zeer dicht borstweefsel en waarom vrouwen bij het bevolkingsonderzoek niet standaard te horen krijgen of zij zeer dicht borstweefsel hebben.
In 2020 heeft de Gezondheidsraad op verzoek van de staatsecretaris van VWS de uitkomsten bestudeerd van een wetenschappelijk onderzoek naar de meerwaarde van een aanvullende MRI voor vrouwen met zeer dicht borstweefsel (DENSE-studie). De Gezondheidsraad oordeelde dat de voordelen van aanvullende screening met MRI bij vrouwen met zeer dicht borstweefsel opwegen tegen de nadelen. Desondanks was het advies van de Gezondheidsraad om het bevolkingsonderzoek borstkanker niet aan te vullen met MRI. De raad zag de noodzaak om iets te doen voor vrouwen met zeer dicht borstweefsel, maar beschouwde MRI niet als een toekomstbestendige oplossing. Dat zou namelijk een langdurig implementatietraject vergen, terwijl in de tussentijd mogelijk alternatieven beschikbaar zouden komen die eenvoudiger en goedkoper zijn dan MRI, zoals contrastmammografie (CEM) en een MRI met een korter scanprotocol (verkorte MRI).
Meer informatie over de adviezen van de Gezondheidsraad over dit onderwerp staat in een uitgebreide reactie die de raad eind 2024 heeft gepubliceerd naar aanleiding van de discussie over het bevolkingsonderzoek borstkanker.
Op basis van het advies van de Gezondheidsraad in 2020 heeft de minister opdracht gegeven voor een proefbevolkingsonderzoek met CEM en verkorte MRI. Dat onderzoek (DENSE-2), is in november 2024 gestart. De resultaten worden verwacht in 2031.
Besloten is om in afwachting van de resultaten DENSE-2 vrouwen met zeer dicht borstweefsel tijdelijk aanvullende screening aan te bieden met MRI. Het bevolkingsonderzoek moet daarvoor tijdelijk worden uitgebreid met het meten en terugkoppelen van de borstdensiteit (de dichtheid van het borstweefsel) en aanvullende MRI in geval van zeer dicht borstweefsel. Bevolkingsonderzoek Nederland heeft daarvoor een vergunning aangevraagd in het kader van de Wet op het bevolkingsonderzoek (WBO). De minister van VWS heeft de Gezondheidsraad gevraagd om deze vergunningaanvraag te beoordelen.
Ja, dat klopt. Een algemeen aanvaarde voorwaarde voor verantwoorde screening is dat er een zinvol vervolgtraject moet zijn. De screening en het informeren over de uitslag moet kunnen leiden tot een zinvol vervolg en/of handelingsopties. Dit is op dit moment bij zeer dicht borstweefsel niet het geval binnen het reguliere bevolkingsonderzoek. De borstdensiteit wordt daarom momenteel niet gemeten, niet opgeslagen en niet teruggekoppeld. De implementatie van een tijdelijke densiteitmeting in combinatie met een tijdelijke aanvullende screening met MRI gaat enkele jaren duren.
De Tweede Kamer heeft een motie aangenomen met het verzoek om, voordat de aanvullende MRI geïmplementeerd is, borstdensiteit al te meten en terug te koppelen aan vrouwen die meedoen aan het bevolkingsonderzoek. Dit leidt tot een wijziging van het bevolkingsonderzoek borstkanker. Bevolkingsonderzoek Nederland heeft een vergunning aangevraagd, in het kader van de Wet op het bevolkingsonderzoek (WBO), voor het tijdelijk meten en terugkoppelen van borstdensiteit zonder vervolgaanbod met MRI binnen het bevolkingsonderzoek borstkanker. De minister van VWS heeft de Gezondheidsraad gevraagd om deze vergunningaanvraag te beoordelen.
*Waar gesproken wordt van vrouwen wordt bedoeld: alle deelnemers aan het bevolkingsonderzoek borstkanker, ook trans- en nonbinaire personen.