Subcommissie Classificatie reproductietoxische stoffen

De Subcommissie Classificatie reproductietoxische stoffen beoordeelt de gevolgen van blootstelling aan stoffen voor de vruchtbaarheid en de ontwikkeling van het nageslacht. De bevindingen van de commissie zijn geformuleerd in de door de Europese Unie gekozen terminologie en dienen als uitgangspunt voor de wettelijke classificatie als reproductietoxische stof.

Momenteel werkt de commissie aan een advies over blootstelling aan tretinoïne.

Een vaste commissie behandelt meerdere onderwerpen. Daarom worden bij de start van elk advies de eventuele belangen van commissieleden opnieuw gewogen. De samenstelling van de commissie kan daardoor per advies verschillen. De commissiesamenstelling per advies staat achter in de adviezen zelf. De basissamenstelling van de commissie staat hieronder.

Samenstelling commissie:

  • prof. Dr. M.B.M. van Duursen, hoogleraar gezonde leefomgeving en toxicologie, VU Amsterdam (lid sinds 1 januari 2019, voorzitter sinds 1 januari 2020)
  • dr. J.E.H. van Kammen-Bergman, klinisch geneticus, UMCG, Groningen (lid sinds 1 januari 2019)
  • dr. N. Roeleveld, epidemioloog, Radboudumc, Nijmegen (lid sinds 12 februari 2007)
  • drs. J.G. Theuns-van Vliet, reproductietoxicoloog, TNO Triskelion BV, Zeist (lid sinds 24 maart 2009)
  • dr. E.C.M. Tonk, regulatory toxicologist, Charles River Laboratories Den Bosch B.V. (lid sinds 1 januari 2018)
  • dr. P.J.J.M. Weterings, toxicoloog, Weterings Consultancy BV, Rosmalen (lid sinds 12 februari 2007)

Waarnemer:

  • ing. J.J.A. Muller, Bureau REACH, RIVM, Bilthoven

Secretarissen:

  • dr. S.R. Vink, Gezondheidsraad, Den Haag
  • dr. ir. P.W. van Vliet, Gezondheidsraad, Den Haag