De raad
De Gezondheidsraad is een onafhankelijk wetenschappelijk adviesorgaan dat als taak heeft ministers en parlement te adviseren op het gebied van de volksgezondheid en het gezondheids(zorg)onderzoek. Ministers vragen de Gezondheidsraad om advies waarmee beleidsbeslissingen onderbouwd kunnen worden. Daarnaast heeft de Gezondheidsraad een signalerende functie: hij kan ook ongevraagd advies uitbrengen. Uitgangspunt is in beide gevallen het verbeteren van de volksgezondheid, of het advies nu gaat over het rendement van borstkankerscreening, onderzoek naar stamcellen, preventie van obesitas, de kwaliteit van natuur-zwemwater, hinder van nachtelijk kunstlicht voor mens en natuur, of beroepsmatige blootstelling aan dieselrook of chloortrimethylsilaan.
Zowel de gevraagde als de ongevraagde adviezen vormen een wetenschappelijke ondersteuning voor de beleidsontwikkeling van ministeries. De Gezondheidsraad brengt nauwkeurig de stand van wetenschap in kaart, en weegt de verschillende mogelijkheden voor het doelmatig verbeteren van de volksgezondheid. Baanbrekende antwoorden op wetenschappelijke vraagstukken worden daarbij niet geformuleerd. De Gezondheidsraad werkt met wat er op een bepaald moment aan kennis bestaat. Overigens is de interpretatie en weging van die kennis een uiterst complexe taak. Onderzoekers komen met uiteenlopende resultaten, en gegevens zijn niet altijd gemakkelijk te duiden. Bovendien is er op elk terrein een veelheid aan materiaal.
Om recht te doen aan deze complexiteit zijn in de Gezondheidsraad zo’n tweehonderd deskundigen verzameld, die ingezet worden bij het beantwoorden van adviesvragen. De Gezondheidsraad komt niet plenair bijeen, maar werkt per advies in ad hoc-commissies. Die commissies bestaan uit raadsleden die gespecialiseerd zijn op het terrein in kwestie, en daarnaast uit deskundigen die geen lid zijn van de Gezondheidsraad. Met elkaar proberen deze experts consensus te bereiken over de interpretatie en weging van de huidige stand van kennis. Adviezen worden getoetst door een van de acht beraadsgroepen, alvorens zij worden aangeboden aan de betreffende minister.
