Hinder van nachtelijk kunstlicht voor mens en natuur: Signalement
In dit advies signaleert de Gezondheidsraad de voortschrijdende teloorgang van duisternis in de avond en de nacht en de gevolgen daarvan voor het landschap en de menselijke woonomgeving. Moderne ontwikkelingen als verstedelijking, toename van de automobiliteit, intensivering van de glastuinbouw, flexibilisering van arbeidstijden, groeiende behoefte aan mogelijkheden van buitensport, de opmars van de verlichting van bedrijfspanden en historische gebouwen nemen in steeds meer en steeds grotere gebieden het duister weg. Om uiteenlopende redenen ervaren veel mensen dit als een verlies. Ook hinder in de woonomgeving en bezorgdheid over mogelijke aantasting van flora en fauna rechtvaardigt extra aandacht in het beleid.
Flora en fauna
Nachtelijk kunstlicht kan op veel manieren de levenscyclus en het gedrag van dieren beïnvloeden. De gevolgen variëren sterk in aard en omvang, afhankelijk van het soort organisme. Daar komt bij dat kunstlicht samengaat met andere verstorende en barrière-versterkende factoren, zoals verkeerslawaai. Vooral bij vogels, insecten en amfibieën is waargenomen dat buitenverlichting het gedrag beïnvloedt door desoriëntatie, afstoting en aantrekking. Hierdoor neemt de kans op uitputting en sterfte toe. Voor sommige soorten met kleine geïsoleerde populaties kan dit een ernstige bedreiging vormen voor hun voortbestaan. In recent veldonderzoek is waargenomen dat wegverlichting de dichtheid van een lokale grutto-populatie aantast. Er zijn geen aanwijzingen voor grootschalige nadelige gevolgen van nachtelijk kunstlicht voor wilde planten.
De mens
Uit onderzoek komt naar voren dat omwonenden van kassen met assimilatieverlichting en van sportvelden hinder ondervinden van het oplichten van hun woningen en tuinen, van direct zicht op de lichtbronnen of van de gloed erboven; de percentages matig of ernstig gehinderden variëren van 5 tot 15. Vooral de gloed boven kassen ervaren omwonenden als hinderlijk. Avondlijke wandelaars ondervinden vooral hinder van direct zicht op kaslicht. Door het groeiende gebruik van buitenverlichting zal het aantal gehinderden de komende jaren toenemen.
Uit laboratoriumexperimenten blijkt dat verstoring van het dag-nachtritme bij de mens negatieve fysieke en psychische gevolgen heeft. Deze verstoring vindt echter pas plaats bij relatief hoge lichtintensiteiten. Hoewel er geen aanwijzingen uit epidemiologisch onderzoek zijn, valt niet uit te sluiten dat buitenverlichting, door verkorting van de avond en nacht, via stress en in combinatie met andere stressfactoren in de leefomgeving, op den duur leidt tot aantasting van de gezondheid.
Verlies van duisternis als ’oerkwaliteit’ in het landelijke gebied
Gezien de plannen voor nieuwe grote woningbouwlocaties (VINEX), bedrijfsterreinen en diverse grote infrastructurele projecten, waaronder de Betuwelijn, de HSL, de uitbreiding van Schiphol en de aanleg van de tweede Maasvlakte, zal de toepassing van kunstlicht in Nederland de komende jaren blijven toenemen. Ook in het landelijke gebied, dat nu nog relatief donker is, zal dat door de bouw van woningen, bedrijven en kassen, en door de aanleg en intensivering van sport- en recreatieve voorzieningen en wegen het geval zijn. Het verdwijnen van de nog duistere gebieden versterkt de voortschrijdende nivellering en versnippering van het Nederlandse (nachtelijke) landschap.
Uit belevingsonderzoek komt naar voren dat mensen belang hechten aan natuurervaringen, waartoe het ondergaan van stilte en ook van duisternis behoort. De Gezondheidsraad ondersteunt het pleidooi van natuurbeschermingsorganisaties voor het behoud van duisternis als een ’oerkwaliteit’ van natuur en landschap in het landelijke gebied, niet alleen voor die natuur zelf, maar ook vanwege de behoefte van mensen om tot rust te komen in een omgeving die contrasteert met die van de huidige hectische 24-uurs maatschappij (compensatie-waarde).
Onderzoek
Voor een beter beeld van de ecologische gevolgen van verlichting is meerjarig veldonderzoek nodig, waarbij ook gekeken wordt naar de gevolgen van verlichting in combinatie met andere verstorende en versnipperende factoren, waaronder verkeerslawaai. Onderzoek naar hinder in de directe woonomgeving is vooral relevant voor het vaststellen van richtlijnen voor verschillende toepassingen van buitenverlichting.
Uit het onderhavige advies komt naar voren dat beleving en waardering van de landschappelijke kwaliteit, en van duisternis en stilte als essentiële onderdelen daarvan, een belangrijke rol spelen in de maatschappelijke discussie over ’lichthinder’. Gericht (sociaal-psychologisch) belevingsonderzoek is wenselijk om de opvattingen van de Nederlandse bevolking over de waarde van duisternis in het geheel van opvattingen over natuur en landschap nader te kunnen inventariseren.
Regelgeving
Ondanks gebrek aan kennis uit empirisch onderzoek naar de ecologische gevolgen van nachtelijk kunstlicht, zijn er voldoende aanwijzingen om het huidige ’nee, tenzij’-beleid van Rijkswaterstaat inzake wegverlichting in natuurgebieden te ondersteunen. De noodzaak van verlichting ten behoeve van de verkeersveiligheid moet steeds goed worden afgewogen tegen mogelijk negatieve gevolgen voor landschap en fauna.
Het overheidsbeleid ten aanzien van openbare verlichting zou onderdeel moeten worden van een integrale, landelijke aanpak ter bescherming en verbetering van de kwaliteit van natuur en landschap in het landelijke gebied, vooral voor die gebieden waarvoor een restrictief beleid geldt ten aanzien van bebouwing, infrastructurele werken en dergelijke. Te denken valt aan instelling van donkertegebieden analoog aan stiltegebieden. Door ’lichthinder’ expliciet op te nemen in het milieubeleid binnen het milieuthema Verstoring, zou de doorwerking naar andere overheidsinstanties gestimuleerd kunnen worden.
Voor het terugdringen van hinder in de woonomgeving door sportverlichting en assimilatieverlichting in kassen is inmiddels regelgeving voorhanden of in voorbereiding. De controle op handhaving zou echter aangescherpt kunnen worden. Voor de aanpak van hinder door floodlighting reclameverlichting dienen nog richtlijnen te worden ontwikkeld.
Download publicaties
Gezondheidsraad. Hinder van nachtelijk kunstlicht voor mens en natuur: Signalement. Den Haag: Gezondheidsraad, 2000; publicatie nr 2000/25. ISBN 90-5549-349-X
